Goudriaan

Oorlogsgraven
Klaas Jongeneel werd, 38 jaar oud, doodgeschoten op 2 oktober 1944. Hij luisterde naar Radio Oranje en nodigde daarvoor ook andere inwoners van Goudriaan uit.
Duitse soldaten arresteerden hem en namen hem mee naar Zuidzijde 120, waar ze hun onderkomen hadden. Hij mocht thuis nog wat spullen ophalen voordat hij zou worden afgevoerd naar kamp Amersfoort. Maar hij ontsnapte door het slaapkamerraam en vluchtte met zijn fiets het land in. Een Duitser ontdekte hem en schoot hem neer.
Radio Oranje, ‘De stem van strijdend Nederland’, was een radioprogramma van de Nederlandse regering vanuit Londen. Het programma duurde een kwartier en werd iedere avond uitgezonden. Koningin Wilhelmina sprak het Nederlandse volk tijdens de oorlog 34 keer toe om het een hart onder de riem te steken. De Nederlanders moesten in het geheim luisteren, omdat de Duitse bezetter het luisteren naar de Engelse zender had verboden en de Nederlanders dwong om hun radio’s in te leveren.
Oorlogsgraven
Een Lancaster-vliegtuig (ND 956 AS-I) werd in de nacht van 22 mei 1944 neergeschoten door een Duits toestel en kwam neer achter het huis van burgemeester van Slijpe, Zuidzijde 134.
Het toestel had zeven bemanningsleden aan boord.
Ze waren op weg naar huis na een bombardement op Duisburg. Slechts twee van hen overleefden de crash: John Frederick Tomney en Bruce Forester Bird.
Zij werden krijgsgevangen genomen door de Duitsers.
John Moffat, Stanley Spencer, Trevor Gordon Franklin, James Kiltie en Alan Andrew Anderson overleefden de aanval niet. Nog diezelfde dag zijn ze op het kerkhof in Goudriaan begraven.
John Frederick Tomney werd op 18 maart 1993 alsnog bij zijn vrienden begraven. Op het kerkhof, op een informatiebord, kun je het verhaal van deze crash lezen.
